Pelgrims

‘Ineens valt regen blij over het Bakadal: Gods eigen tranen.’ (Psalm 84:6-8)

Soest

Niet de eerste keer dat ik iets zeggen mag over psalm 121.
Of mensen trouwen of rouwen, vaak vinden ze troost en houvast in dit pelgrimslied.
In de Oude Kerk in Soest zullen van de week bemoedigende woorden klinken.
Niet voor het eerst. In dit eeuwenoude godshuis,
waar generaties lang mensen God ontmoeten en elkaar,
zullen pelgrims moed gevat hebben, onderweg naar de nieuwe wereld.
Ook ditmaal word ik bij de voorbereiding geraakt. Mede door dit gedicht:

Honger je naar gerechtigheid,
dorst je naar vrede,
is Jeruzalem je visioen,

reken dan maar op je God.
Geen ogenblik
wijkt Hij van je zijde.

Hoe je weg ook loopt,
goed loopt hij af.

Een wereld van gevaar.
Donkere bergen
zien dreigend op je neer.

Je huivert,
kijkt angstig omhoog –

wie weet wordt het nacht,
voor eeuwig nacht.

Nooit bereik je de stad.
Geen recht, geen vrede,
alles ontgaat je.

Maar je bent veilig.
Een God die je bewaart,
het grootste belang aan je hecht.

Ooit ging je op weg.
Een gelukkig begin.
Hoe gelukkig het einde.

(Uit: Hans Bouma, In de schaduw van de psalmen)

 

Voorzichtig beginnen…

 

Lang, heel lang, te lang was het stil op dit weblog… Maar nu de start van het nieuwe seizoen in kerken en kringen stilaan wordt voorbereid, willen ook wij weer beginnen. Voorzichtig, maar toch. Op de website van de Nederlands Gereformeerde Kerk in Amersfoort-Zuid (kijk in de rechterkolom helemaal onderaan of hier) vind je een Luisterwijzer (een soort hand-out) van wat ik ’s zondags mag zeggen. Via die site is ook de dienst op afstand beluisteren of je kunt, veel leuker!, persoonlijk een kijkje komen nemen. Na elke dienst staat een kopje koffie, thee of limo klaar. (Wees niet bang! Ons doel is niet om je zo vlug mogelijk het geloof in God onder de pet te praten of je lid te maken van onze gemeente.)
Zondag 19 augustus lezen we in de Bijbel een wonderlijk lied, psalm 8. Volgens de dichter is God de Schepper en wij zijn Zijn afbeelding.
Dat lezen we ook in de eerste hoofdstukken van het Bijbelboek Genesis: in de Tuin-van-het-begin was er zeker afstand tussen Schepper en schepsel, alleen was die afstand niet on-eindig, on-overbrugbaar. Juist niet! Schepper en schepsel worden in de Bijbel nooit ín elkaar geschoven, maar zijn ook nooit twee onafhankelijk van elkaar lopende sporen de toekomst in.  Het is pas dinsdag, maar als je naar dit lied luistert, kom je alvast in de stemming!

 

Trump

“De aanname van het belastingplan door de Senaat, met 51-49, is het eerste grote wetgevende succes van Trump en zijn Republikeinse meerderheid. Ze hadden het nodig, na de twee mislukte pogingen Obamacare te verwerpen. Een belastingherziening stond ook op het lijstje beloften. Maar dit was niet de herziening die Trump beloofde. (…)
Trump is niet de beschermheer van de kleine man maar de dienaar van het grote geld gebleken, met zijn dereguleringsagenda en Goldman Sachs-kabinet en honderden benoemingen van ex-lobbyisten in Washington. Het moeras is eerder gevuld dan gedraineerd. En het zijn juist de bedrijven en de allerrijksten die gaan profiteren van het belastingplan dat vrijdagnacht overhaast werd goedgekeurd. Dit is het plan van geldschieters zoals de gebroeders Koch, van wie Trump niets zei te moeten hebben tijdens de campagne. Dit zijn de mannen waarnaar de Republikeinen nog steeds luisteren. En daardoor stijgen de beurskoersen al maanden. Het plan is een injectie in de ongelijkheid.” (Nederlands Dagblad, 5 december 2017)

“De bijbel heeft het over goden die bestaan. Goden zijn ‘machthebbers over mensen’. Goden zijn mensen die het bestaan andere mensen met zwepen te slaan. De ijzeren wet dat ‘wie zwak is sterft, wie sterk is overleeft’ is een ‘god’. Het recht van de sterkste is een ‘god’; en dat het in de wereld nog altijd zo gesteld is dat weinigen leven ten koste van velen – dat is de macht van een hele goden- en godinnenclan. Al die onwrikbare wetmatigheden-dwangmatigheden worden gepersonifieerd in ‘goden’. Ze heten in de bijbel ‘bezitters, gebieder, heer’, maar ze worden uitgescholden voor niksers, leeghoofden, nietswaardigen. Ze leiden tot ‘niets’, beter gezegd: tot vernieling van aarde, vernietiging van mensheid. Maar dat ze ‘bestaan’ is zo zeker als de ellende van de onderdrukten zichtbaar is.

Tegen die goden in ‘bestaat’ er een wiens Naam onuitsprekelijk is, die zonder gestalte is, onbeeldbaar, enkel stem. Stem die je roept ‘Waar ben je? Waar is je broer? Wat doe je? Waarom doe je het goede niet? Ik heb jou gezegd, o mens, wat goed is – te doen gerechtigheid. Die stem alleen is God.” (Huub Oosterhuis, Alles voor allen – Een Nieuwe Catechismus, blz.19-20)

“Gelezen heb ik wat geschreven staat,
mij toevertrouwd aan onbewezen woorden:
Gij laat mijn ziel niet aan het dodenrijk

laat uw geliefde het bederf niet zien

wegen ten leven hebt Gij mij doen kennen,
niet voor de afgrond hebt Gij ons gemaakt.

Geschreven staat uw naam: ‘Ik-zal-er-zijn.'”

  • Huub Oosterhuis – Psalm 16

Open haard (in de file)

Mijn gebed is vaak zo’n rommeltje. ‘k Zeg gewoon wat me te binnen schiet. En dan krijg ik van die stokpaardjes, dingen die ik altijd tegen God zeg, en altijd op dezelfde manier. Geen wonder dat m’n gebedsleven nooit vurig wordt… Wat helpen kan is: een beetje meer structuur aanbrengen.
Denk aan een open haard. Hoe zorgvuldiger je hout neerlegt, hoe beter het vuur zal branden.  Alles wat ons bezighoudt, mogen we in ons gebed zorgvuldig opstapelen bij God. Bijvoorbeeld: op maandag bid ik voor m’n gezin en familie. Op dinsdag voor m’n collega’s. Op woensdag voor onze stad. Enzovoorts. Kan ook op een andere manier. Als we zorgvuldiger onze woorden opstapelen voor God, schiet de vlam er veel beter in.
En… hoe lastig ook, probeer ’t toch ’s morgens te doen, ’s morgens vroeg.
Dat is niet makkelijk, kijk maandagmorgen maar om je heen… Weet je, ook in de file kun je bidden. Wel je ogen openhouden! Met je ogen open kun je namelijk ook ‘uitzien naar’. Welkom om 10 uur, zondag 12 november, Corderius College!

Messi

Is het een reactie op vroeger?  Ik bedoel, toen ik jong was (…), waren mijn ouders niet royaal met complimenten geven aan hun kids (die toen nog ‘kinderen’ werden genoemd en ook nog geen Engelse namen hadden). Van generatiegenoten begrijp ik dat mijn ouders hierin geen uitzonderingen waren. Complimenten konden een kind eigenwijs, hooghartig en vooral ondankbaar maken, zo dacht men. Immers, alles wat een mens is en bezit en kan, is louter genade (gratis gekregen goedheid), waar we niet anders dan dankbaar voor kunnen zijn.
Deze redenering is, volgens mij, op z’n minst eenzijdig. In elk geval heb ik ze wel gemist, die complimenten, en ik vond het dus best wennen om ze aan mijn kinderen wel te geven en betwijfel ik tot op de huidige dag of ik mijn waardering wel genoeg ge-uit heb.
Gelukkig hebben onze kinderen er geen moeite hun kinderen te complimenteren en doen dat ook heel verstandig (schreef opa trots!). Maar ik hoor ook ouders met kinderen praten of ouders met ouders over hun kinderen, ik lees op social media verslagen over kinderactiviteiten en dan rollen uitroepen als je bent een topper! en ja, wat een kanjer is ‘t, hé?! en nou, dat belooft wat voor de toekomst! over elkaar heen.  Onlangs verzuchtte ik tegen Lijda: Tjonge, jonge, als een kind als veldspeler tijdens het voetballen de bal niet met de handen beetpakt, roepen ouders al: Jij wordt later vast een Messi! Is deze overdreven overdaad aan complimenten een reactie op vroeger? In deze video geeft psychiater Dirk de Wachter een omschrijving van onze samenleving. Op internet zijn veel meer (boeiende en leerzame!) lezingen van de Wachter te vinden. 

Pauw

Soms kan ik Jeroen Pauw wel schieten… Figuurlijk gesproken natuurlijk. Zodra een gast iets ‘gristelijks’ zegt, lijkt hij nerveus te worden en dat brengt soms niet het mooiste in hem naar boven. Althans, dat is mijn indruk. Ik kan het natuurlijk best verkeerd hebben. Ook is mogelijk dat zijn reactie best te begrijpen is vanwege nare herinneringen of gebeurtenissen. Als andere gasten en (een groot deel van) het publiek hem bijvallen, komt Pauw echt op stoom. Dat vind ik jammer, want hij heeft kwaliteiten genoeg om zijn talkshow voor iédereen tot een mooie ervaring te maken.
Neem nou gisteravond, dinsdag, toen zei Lijda na de talkshow over dementie: De moeite van het opblijven waard! En dat was me uit het hart gegrepen. In de collecteweek voor Alzheimer Nederland sprak Pauw met Christa, een jonge vrouw van 47 die lijdt aan dementie, met 2 vrouwen die het Alzheimer-gen hebben en met de echtgenote van een man die lijdt aan frontotemporale dementie, een ziekte die zijn hersenen langzaam maar zeker weg eet. In elk van de gesprekken vond ik Pauw een fantastische gastheer: vriendelijk, betrokken, voorzichtig formulerend, empathisch, en ga zo maar door. Diepe stilte volgde nadat de bekende pianist Louis van Dijk, die Alzheimer heeft, een eigen compositie speelde, getiteld ‘Hoop’. De moeite van het terugkijken waard!

Keek op de week (43 en 44)

Vanavond alweer aflevering 3 van Het Geheime Dagboek van Hendrik Groen waarin het leven in een verzorgingshuis in Amsterdam-Noord beschreven wordt. De zoveelste heerlijke serie van Omroep Max die de afgelopen weken ongeveer 1,7 miljoen kijkbuisvolwassenen boeide. Ons ook.
In aflevering 2 legt de nieuwe bewoonster uit waarom zij zich wil laten cremeren: Mijn achternaam is namelijk: Brand, Eefje Brand. Dan moet het overigens wel met dt: Eefje Brandt. Daar kan ik zo van genieten! Van aflevering 1 heb ik deze zin onthouden, in eigen woorden: Bij niemands geboorte werd gezegd dat het leven leuk zou worden.
Ergens las ik dat André van Duin tegen een rol in deze serie had opgezien. Jarenlang hoefde hij maar een hoedje op te zetten of iedereen rollebolde van de lach en dan nu iets heel anders… Een begrijpelijk bezwaar, denk ik. Maar ik verwacht dat hij ook vanavond weer een indrukwekkende rol zal spelen. Dat is te danken aan van Duin’s eigen vakmanschap en  niet minder aan dat van Kees Hulst, die de rol van Hendrik Groen speelt. Al na slechts 2 afleveringen ben ik van die man gaan houden. Als je kijkt, veel plezier! Wordt ’t je een beetje te laat, je kunt ’t vast terugkijken!

… en vertrouwen

En hoe is ’t met ons vertrouwen?
Jezus de Zoon is precies zijn Vader. Hij leerde ons net als de Eeuwige te bidden om een dagelijks broodrantsoen: Onze Vader die in de hemelen is, geef ons heden (vandáág!) ons dágelijks brood.
Niet zeggen: Ja, en morgen dan?! Morgen is weer een nieuwe dag. Morgen kunnen jullie vragen wat voor morgen nodig is.
Zou ’t kunnen zijn dat we vanwege de palletaanbiedingen, 3 halen 2 betalen en vanwege de vrieskist niet meer goed weten wat vertrouwen is? Ik bid of God me vandaag brood wil geven terwijl er al voor 2 weken in de vriezer ligt…

Tevredenheid en vertrouwen zijn twee basisbegrippen in het Boek. Aan ons de opdracht om deze woorden weer handen en voeten te geven. Hóe? Morgen verder!

Tevredenheid…

Weten wij wat tevredenheid betekent? Hoe gaan wíj om met onze rijkdom? Want, vergis je niet, de rijken uit de Bijbel zijn jij en ik! Wij spoelen ons toilet door met drinkwater… De vraag is of onze rijkdom van de laatste 40, 50 jaar, ons niet verleerd heeft om tevreden te zijn.
Zou ’t kunnen zijn, let op: ik zeg niet dát het vast en zeker zo is, maar ik wil ons van deze vráág bewust maken: Zou ’t kunnen zijn dat jij en ik veel te makkelijk zijn meegegaan in het meer-meer-meer? Dat we alles wat bereikbaar was, gingen willen en doen en kopen, en ons er onvoldoende van bewust zijn geweest dat genoeg genoeg is? Met andere woorden: weten jij en ik nog wel wat tevredenheid is?
Mijn vader maakte ’s zondags altijd, wat wij noemden, een…

Wat maakte mijn vader ’s zondags altijd? Vergis je niet, het antwoord is niet het plaatje boven deze blog! Het goede antwoord kun je horen: zondag 5 november om 10 uur in het Corderius College in Amersfoort. Welkom!

« Oudere berichten

© 2018 Pelgrims

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑